Dronewatch bestaat 5 jaar: een persoonlijke terugblik

Het is op 1 juli 2019 precies vijf jaar geleden dat Dronewatch.nl van start ging. In dit artikel blik ik terug op de aanleiding om met deze website te starten en de turbulente jaren die daarop volgden, van de beslissing om mijn baan op te zeggen en van mijn hobby mijn werk te maken tot en met het schrijven van een aantal boeken, het meewerken aan radio en tv-programma’s en natuurlijk het in binnen- en buitenland uitvoeren van filmopdrachten.

Ik ben denk ik exemplarisch voor veel dronevliegers in Nederland, als het gaat om hoe ik met drones in aanraking kwam. Ik heb me nooit bezig gehouden met modelvliegen en ben niet zo’n knutselaar, ondanks mijn achtergrond in elektronica en fijnmechanica. Maar ik heb wel altijd een fascinatie voor de nieuwste gadgets gehad. Daarnaast was ik meer dan gemiddeld geïnteresseerd in fotografie en video. Toen ik in mei 2014 een advertentie zag voor een ‘ready to fly’ cameradrone, de DJI Phantom 2 Vision+, was ik dus meteen verkocht: die moest ik hebben. Ik bestelde het ding meteen, voor iets van 1.200 euro als ik me goed herinner.

Mijn eerste testvlucht met de drone vond plaats in een woonwijk, in een dorpje ergens in Noord-Holland. Ik had flink wat bekijks van kennissen, want er was een verjaardagsfeestje aan de gang. Ik steeg op vanaf een grasveldje, ik had nog niet eens een goede GPS fix tijdens het opstijgen. Daardoor dreef de drone meteen met de wind mee, in de richting van een boom. Gelukkig kwam er op het juiste moment een GPS-signaal door en werd een crash afgewend. Wist ik veel, er zat amper een gebruiksaanwijzing bij het apparaat, en dat er regels waren voor het vliegen met een drone wist ik al helemaal niet. Aangemoedigd door omstanders liet ik de drone al snel over de hele wijk vliegen. Toen leek dat allemaal nog geen probleem, iedereen vond het prachtig.

Mijn eerste drone: de DJI Phantom 2 Vision+. Ik raakte direct gefascineerd door de mogelijkheden.

De tweede keer dat ik met de drone vloog was bij de molens van Kinderdijk. Die locatie schoot me als eerste te binnen, toen ik zat te bedenken waar ik met mijn nieuwe drone voor het eerst video-opnamen zou gaan maken. Op basis van de beelden die ik daar maakte monteerde ik mijn eerste dronevideo. Ik had al wel wat ervaring met monteren, dat scheelde. Ik was bijzonder trots op het eindresultaat en deelde de video onder andere via Twitter. Ik kreeg direct een negatieve reactie vanuit de hoek van Kinderdijk: kun je nagaan, dat was dus in 2014, en toen lagen drones daar al gevoelig…

Er was op dat moment nog geen Nederlandstalige website over drones. Al vrij snel dacht ik er over om een blog te starten over dit onderwerp. Ik had al veel ervaring opgedaan met bloggen: in het jaar 2001 startte ik mijn eerste blog over digitale democratie, naar aanleiding van een afstudeerscriptie over dat onderwerp. Toen ik in 2005 bij een uitgeverij ging werken, startte ik al snel een blog over ontwikkelingen in de uitgeverijsector. Later kwam daar een blog over digitaal lezen bij (het huidige ereaders.nl), toen ereaders en ebooks nog in de kinderschoenen stonden. Later kwam daar nog een blog over wearable technology bij.

Na flink wat gepeinsd te hebben over een goede naam kwam ik terecht bij de naam Dronewatch. Daar zat een meervoudige betekenis in die mij wel aanstond. Niet voor niets eindigt de naam met ‘watch’, kijken. Dat slaat niet alleen op fotografie en video, maar het klinkt ook als het volgen van de ontwikkelingen, ‘watching’. Er zit ook een kritische ondertoon in. Niet alles is positief aan drones en dat moest ook in de naam terugkomen, vond ik. De domeinnaam dronewatch.nl was helaas al geclaimd, maar voor een paar honderd euro kon ik de url overnemen. En al vrij snel stond er een blog online. Dat was begin juli 2014.

Mijn eerste ‘dronie’, gemaakt met mijn eerste drone. Nog steeds gebruik ik deze foto als avatar.

In die tijd had ik nog een fulltime baan, dus het bloggen vond plaats in de vrije uurtjes. Maar ik had er plezier in en het kostte me weinig moeite om dagelijks een artikel te plaatsen. Die frequentie is erin gebleven: nog steeds vind je iedere dag een nieuw artikel op Dronewatch, soms zelfs twee. Alleen op zondagen gun ik mezelf sinds enige tijd een dagje vrij, maar in de beginjaren ging het zeven dagen per week door. Er was genoeg om over te schrijven, want de drone hype kwam in 2014 en zeker in 2015 goed op gang.

De baan als marketing manager die ik toen had begon echter te knellen, ik had het niet zo naar mijn zin. Eind 2015 besloot ik om iets anders te gaan doen. Aanvankelijk ben ik nog gaan solliciteren bij andere bedrijven, maar uiteindelijk hakte ik de knoop door om voor mezelf te beginnen. Mijn idee was om Dronewatch verder uit te bouwen. Om voldoende inkomsten te genereren besloot ik om er wat freelance webdesign en online marketingwerk bij te doen. Tot op de dag van vandaag doe ik dat er nog steeds bij, ondanks dat er steeds meer tijd in Dronewatch ging zitten.

Het aantal bezoekers op Dronewatch nam na de start snel toe. Deels kwam dat door de inzet van sociale media, maar ook door steeds betere vindbaarheid in zoekmachines. Mijn achtergrond in online marketing kwam hierbij goed van pas. Al vrij snel was er naast de website dronewatch.nl ook een Dronewatch Facebookpagina en Dronewatch Twitteraccount. Die zijn beiden inmiddels goed voor bijna 20.000 fans en volgers. De website trekt tegenwoordig zo’n 40.000 bezoekers per maand, waarvan ca. de helft terugkerende lezers betreft. Het aantal nieuwsbriefabonnees is recent de 3.500 overstegen.

Eén van mijn eerste dronefoto’s: Gemaal Lely.

Inspiratie voor nieuwe artikelen kwam – en komt – voor een groot deel uit de eigen praktijk. De dingen waar ik tegenaan liep als beginnend dronepiloot, daar schreef ik over. Zo begon ik op een gegeven moment aan een artikel over dronefotografie. Dat artikel werd al snel nogal omvangrijk, waarop ik met het idee begon te spelen om er een ebook van te maken. Een bevriende uitgever daagde me toen uit om er een ‘echt’ (gedrukt) boek van te maken, en dat resulteerde in het boek Dronefotografie, dat in 2015 verscheen bij Van Duuren Media.

Voor dat boek heb ik veel onderzoek gedaan. Ik wist toen nog niet zo heel veel over drones, dus ik moest alles vanaf het begin uitzoeken. Maar dat is misschien ook wel de kracht van het boek: het neemt de lezer vanaf het prille begin mee. Inmiddels zijn er duizenden exemplaren van het boek verkocht, onlangs is zelfs de derde druk verschenen. In 2016 volgde er een tweede boek, Dronevideo’s maken. Van dat boek is in 2018 een tweede, herziene editie verschenen. En ik zou nog bijna vergeten dat ik in de afgelopen periode ook nog een boek over 360º fotografie en video (een andere bezigheid van me) heb geschreven.

Dat het met de drones niet allemaal koek en ei was, mocht ik zelf aan den lijve ondervinden. Mijn eerste drone, de Phantom 2 Vision+, kreeg op een gegeven moment kuren – waarschijnlijk als gevolg van problemen met het elektronische kompas – en daardoor raakte het toestel vrijwel onbestuurbaar. Toen ik er toch weer een keer mee ging vliegen ging het fout en belandde de drone met een noodgang in een sloot. Mijn neef was erbij en die sprong meteen de sloot in. Wonder boven wonder vond hij de drone terug, verscholen onder het kroos.

Wonder boven wonder vond mijn neef mijn drone terug nadat deze als gevolg van een storing in een sloot was beland.

Ik kon bij de verkoper aannemelijk maken dat het geen ‘pilot error’ was en onder garantie werd de drone gerepareerd. Maar tijdens een nieuwe vlucht ging het al snel weer mis, en de drone stortte weer ter aarde. Dat ging best hard, en sindsdien vertrouw ik drones nooit meer voor de volle 100%. Er kan altijd iets misgaan, het is en blijft technologie die kan falen, hoe stabiel het meestal ook lijkt. Daarom ben ik best wel een ‘evangelist’ als het om de regeltjes gaat. Niet dat ik zelf heilig ben, maar ik weet nu eenmaal uit eigen ervaring dat een drone zomaar naar beneden kan komen. En daarom zit ik altijd met gekromde tenen te kijken als er op tv voor de zoveelste keer droneshots boven wegen en mensen te zien zijn. Het totale gebrek aan handhaving is erg frustrerend, zeker als je zelf regelmatig ‘nee’ moet verkopen aan opdrachtgevers!

Die crash was indirect ook de reden dat ik de website vliegjedroneveilig.nl lanceerde. Dat was nog lang voordat de overheid actief iets aan communicatie over drones deed. Zeker in de begintijd deed de overheid veel te weinig aan voorlichting. Ja, er waren radiospotjes en er kwam een flyer, maar die wordt maar door weinig winkeliers meegegeven. Laat staan dat online retailers die flyer bijvoegen – uitzonderingen daargelaten. Dus ik zag het een beetje als mijn taak om hier een rol in te spelen. In mijn boeken, tijdens mijn presentaties en in forumdiscussies besteed ik altijd wel aandacht aan veilig vliegen.

Beroepsmatig met mijn drone vliegen zat er in de beginperiode trouwens niet in. Ik had al vrij snel door dat het in opdracht fotograferen of filmen aan allerlei strenge regels gebonden was. Maar toen in 2016 het ROC-light werd aangekondigd, wilde ik daar meteen werk van maken. Bij NLR volgde ik de opleiding tot RPA-L dronepiloot. Met dat papiertje op zak kon ik als eerste bedrijf in Nederland de ROC-light vergunning aanvragen. Ik kon immers direct aantonen over de benodigde theoriekennis te beschikken, op dat moment waren er eigenlijk nog geen ROC-light opleidingen.

Eén van mijn eerste klussen als kersverse ROC-light dronepiloot.

Al vrij snel na het ontvangen van het ROC-light kon ik als dronepiloot in de weer om opnamen te maken, veelal voor toeristisch getinte videoproducties. Dat was een mooie tijd: voor sommige opdrachtgevers was het echt een pluspunt dat je legaal kon vliegen. Inmiddels onderscheid je je daar niet meer mee, maar toen nog wel. Al snel werd het ook duidelijk dat de ROC-light wel erg veel beperkingen met zich meebrengt, zeker waar het de limiet van 100 meter betreft. Soms heb ik daardoor rare fratsen moeten uithalen, zoals een brug filmen waarbij ik opsteeg vanuit een schommelend bootje, om maar binnen die 100 meter limiet te blijven. Het was natuurlijk veel veiliger om vanaf de kant op te stijgen en wat verder weg te vliegen, maar goed…

De mooiste projecten waren toch wel mijn 360º dronefotoreportage in Nieuw-Zeeland voor National Geographic Traveler, het verzorgen van droneshots tijdens de World Solar Challenge in 2017 (dit jaar ga ik trouwens weer mee met Solar Team Twente), de vele opnamen die ik mocht maken van mooie plekjes in Nederland in opdracht van onder andere NBTC/Visit Holland, mijn eigen megaproject om de Nieuwe Hollandse Waterlinie vanuit de lucht in 360º vast te leggen, en het maken van promovideo’s voor reisbureaus. (Op het moment dat je dit leest ben ik voor SNP Natuurreizen aan het filmen in Spanje.)

Tussen de foto- en filmprojecten door bleef het verkeer op Dronewatch groeien. De piek lag denk ik in 2016, toen drones echt nog hot waren en iedereen het er met Sinterklaas en Kerst over had. Ook haalde ik regelmatig het nieuws, door bijvoorbeeld een groot experiment met geofencing uit te voeren nabij Schiphol. Wat bleek: geofencing greep lang niet altijd in op plekken waar dat eigenlijk wel zou moeten. Naar aanleiding van dat experiment ben ik toen bij toenmalig staatssecretaris Sharon Dijksma uitgenodigd voor een gesprek, waarbij ook DJI op het matje werd geroepen. Ook op tv en in de kranten was er aandacht voor het experiment.

Regelmatig schrijf ik artikelen in tijdschriften, zoals dit verhaal over dronefotografie in National Geographic Traveler.

Later is er ook veel aandacht geweest voor mijn uitlegartikelen over regelgeving en mijn strijd tegen de oprukkende dronerestricties, vooral vanuit de natuurbeweging. Begrijp me niet verkeerd: ik vind dat je als dronevlieger rekening dient te houden met mens en natuur, maar om dan maar preventief alle drones te verbieden boven grote delen van het land, dat gaat me veel te ver. Daar heb ik ook als professional last van. Een algeheel droneverbod is het kind met het badwater weggooien.

In de loop der jaren heb ik met flink wat drones mogen vliegen. Het merendeel afkomstig van DJI, maar ook met de nodige drones van andere merken. Van veel drones maakte ik bovendien zeer uitgebreide reviews, die altijd goed gelezen worden. De laatste tijd publiceer ik minder reviews, maar dat komt simpelweg doordat er minder nieuwe drones op de markt verschijnen. En helaas krijg ik niet altijd reviewmodellen opgestuurd en het gaat me wat ver om alles te kopen wat er nieuw op de markt verschijnt.

Inmiddels zijn er bijna 2.500 artikelen op Dronewatch verschenen, op enkele tientallen na allemaal door mij geschreven. De meeste ontwikkelingen en nieuwtjes kom ik op het spoor via Twitter, ik volg daar bijna iedereen die er internationaal iets toe doet op het gebied van onbemand vliegen. Ik zie een tendens dat het recreatief gebruik van drones minder in de belangstelling staat, maar professioneel gebruik komt nu pas echt van de grond. We staan nog maar aan het begin, wat de drone-revolutie betreft.

In de loop der jaren heb ik met veel uiteenlopende drones mogen vliegen, waaronder de Typhoon H van Yuneec.

Af en toe heb ik wel gemengde gevoelens bij de drones. Zeker als het gaat om misbruik, al dan niet bewust. Het gaat zeker een keer fout als het gaat om botsingen met en helikopter of vliegtuig, en je kunt er vergif op innemen dat terroristen ook in Westerse landen aanslagen gaan uitvoeren met drones. Helaas is daar nog weinig tegen te doen: de counter UAS-industrie draait op volle toeren, maar niemand heeft nog een waterdicht antwoord op deze ongewenste ontwikkelingen.

Tegelijkertijd zie je tal van prachtige dingen gebeuren met drones. Er komt ongelooflijk veel creativiteit los bij beeldmakers, en het aantal situaties waarbij drones nuttig van pas komen of zelfs levens redden neemt hand over hand toe. Dat moeten we met z’n allen niet vergeten, dat drones ons heel veel kunnen brengen. Maar dan moet men er wel verantwoord mee omgaan, want als de publieke opinie omslaat dan is het snel gedaan met de dronesector.

Of ik kan leven van Dronewatch? Ja en nee. Puur van de advertentie-inkomsten kan ik niet rondkomen, die zijn echt niet zo hoog. Ik geloof niet in een paywall, dus dan moet je het wel van advertentie-inkomsten hebben. Gelukkig zijn er een paar partijen die al wat langere tijd op Dronewatch adverteren of mij inschakelen om in opdracht artikelen te schrijven. Daarnaast moet ik het hebben van commerciële film- en vliegklussen, inkomsten uit boekverkoop en het geven van betaalde presentaties. Alleen in die combinatie kan ik er een boterham aan verdienen.

Jurylid in een tv-programma over drones: dat had ik niet kunnen kunnen denken toen ik met Dronewatch begon.

Natuurlijk heeft de zichtbaarheid die Dronewatch met zich meebrengt me ook veel gebracht. Ik ben talloze keren te gast geweest in radioprogramma’s en tv-uitzendingen, ik werd gevraagd om als coach en jurylid deel te nemen aan het SBS6-programma Drone Masters (wat me vanuit de community op veel kritiek kwam te staan, maar ik ben achteraf toch trots op mijn bijdrage), vaak word ik uitgenodigd om te komen spreken op congressen en evenementen en om lezingen en presentaties te verzorgen over dronefotografie en -video.

Wat weinig mensen weten is dat ik Dronewatch (en de social media kanalen eromheen) 100% alleen run. Ik sta met het onderwerp op en ga ermee naar bed. Dat vraagt om flink wat doorzettingsvermogen, vooral na lange filmdagen of tijdens vakanties. Meestal zet ik dan artikelen klaar en soms schrijf ik zelfs vanaf mijn vakantieadres nog artikelen. Heel incidenteel huur ik een gastauteur in, maar dat is eigenlijk nog maar één keer voorgekomen.

De artikelen op de website plaats leveren veel vragen van lezers op, meestal via de mail, maar ook via social media. Meestal beantwoord ik die vragen wel, of ik verwijs mensen door naar het forum dronepilots.nl. Er gaat best veel tijd zitten in al deze correspondentie. Eigenlijk is het niet de bedoeling dat mensen Dronewatch zien als een helpdesk voor al hun vragen, maar ik kan het ook niemand verwijten, want er zijn nu eenmaal maar weinig betrouwbare en vooral actuele en volledige bronnen van informatie te vinden. Via Google komt men nu eenmaal al snel bij Dronewatch terecht.

In 2016 richtte ik samen met Frederick Gordts het forum dronepilots.nl op. Dit forum is uitgegroeid tot een belangrijke vraagbaak voor dronevliegers.

Wat filmwerk betreft merk ik dat er eigenlijk weinig vraag meer is naar partijen die zich 100% richten op het maken van droneshots. De meeste opdrachtgevers zijn op zoek naar allround filmmakers, die drone-opnamen erbij doen. Dat was voor mij aanleiding om me ook te gaan bekwamen in ‘gewoon’ camerawerk en apparatuur aan te schaffen voor het maken van grondopnamen. Wat betreft investeringen in nieuwe drones geloof ik het momenteel wel, in veel gevallen voldoet de Mavic 2, soms vlieg ik in opdracht van een ROC-operator met een Inspire 2 als het gaat om high-end opnamen. Een mogelijke Phantom 5 met goede sensor en verwisselbare lenzen zou nog wel op mijn verlanglijstje komen.

Na vijf jaar Dronewatch, het schrijven van twee boeken over dronefotografie en -video, een kleine 2.500 artikelen over drones, het runnen van het forum dronepilots.nl, het modereren van een grote Facebookgroep over dronefotografie en de vele radio- en tv-optredens over drones begint het af en toe wel te kriebelen om weer eens wat anders te gaan doen. Aan de andere kant: de echte drone-revolutie moet nog beginnen, dus het zou zonde zijn om nu te stoppen met Dronewatch.

Vooralsnog is het plan om me verder te ontwikkelen als freelance filmmaker, waarbij de drone slechts één van de tools is. Dit in combinatie met het toeristische platform Show Me Holland, waar ik mede-oprichter van ben. En dan ondertussen Dronewatch blijven runnen. Maar het lijkt me ook wel weer eens fijn om in teamverband te werken, niet per se als zzp-er. Zodat je wat vaker kunt sparren met collega’s, grotere projecten kunt aannemen, en ook eens op vakantie kan gaan zonder dat de laptop mee moet om artikelen te schrijven.

Welke kant het ook opgaat, ik realiseer me hoeveel lezers plezier hebben van het feit dat Dronewatch er is. Ik ben er nog steeds van overtuigd dat er behoefte is aan een plek waar de drone-revolutie kritisch gevolgd wordt. Want we staan echt nog maar aan de vooravond van het dronetijdperk, de afgelopen jaren waren peanuts in vergelijking met wat er nog komen gaat. Dan is het goed dat er iemand is die de ontwikkelingen op de voet volgt en duidt. Voorlopig neem ik die taak op me. Ik bedank jou, trouwe lezer, bij deze voor je aandacht!

Uitleg geven over drones in Nieuwsuur – niet voor het eerst, en als het aan mij ligt niet voor het laatst.
Wiebe de Jager

Wiebe de Jager

Wiebe de Jager (@wdejager) is oprichter van Dronewatch en auteur van de boeken Dronefotografie en Dronevideo's maken. Wiebe is gecertificeerd (RPA-L) dronepiloot en beschikt over het ROC-light. In het najaar van 2018 was Wiebe als coach&jurylid verbonden aan het tv-programma 'Drone Masters'.

6 gedachten over “Dronewatch bestaat 5 jaar: een persoonlijke terugblik

  • 1 juli 2019 om 09:18
    Permalink

    Dag Wiebe,
    een leuk stuk om te lezen en geeft ook een beetje inzicht van je eigen persoon.

    Beantwoorden
  • 1 juli 2019 om 10:51
    Permalink

    Gefeliciteerd Wiebe!

    Regelmatig lees ik de verhalen, reviews, nieuws, en bekijk ik de films op je site.
    Ook als ik vragen heb over drones, en regels, kom ik via Google nog wel eens op het forum terecht.
    Je site is een topper, en wat mij betreft mag die nog heel lang bestaan!
    Verleden jaar heb ik dankzij Dronewatch nog het evenement Drone Clash gratis mogen bezoeken, dankzij een vrijkaartje.

    Beantwoorden
  • 1 juli 2019 om 11:26
    Permalink

    “Leerzame en genoeglijke” terugblik. 🙂

    Voor mij is de drone (Unmanned Aerial Vehicle) zoiets als een verre nazaat van de radiografisch bestuurbare (rangeer)locomotief. Er zijn van die gevallen waarin het ontkoppelen van de plekken van waarneming en bediening handig is, uit verschillende oogpunten (zoals schaal, krachten, gevaar).

    Mijn kennismaking met “drones” betrof de militaire inzet. (Ik ben geen militair, en ik heb (nog) geen drone.) Waaronder al lang geleden een Duitse reportage over Amerikaanse militaire drone-piloten met psychische problemen (“pas op de knop drukken als dat kind van zijn schoot is”).
    Ik heb vaak nieuws uit Dronewatch (gelezen vanuit RSS-feeds) opgevat als “hé, dan zou je dus ook…” – en dat is duizelingwekkend.

    Ga door, Wiebe!

    Beantwoorden
  • 6 juli 2019 om 21:32
    Permalink

    Interessant verhaal en fijn dat er zo veel enthousiasme voor het thema drones wordt vertoond. Het geeft een goede mogelijkheid om op de hoogte te blijven van veranderingen omtrent deze materie.

    Beantwoorden

Laat een reactie achter op Huib Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Meld je nu aan voor onze nieuwsbrief!

Vul hieronder je gegevens in en blijf op de hoogte.