Nog veel onduidelijkheid over implementatie Europese drone-regelgeving

Er zijn nog veel onduidelijkheden met betrekking tot de implementatie van de Europese drone-regelgeving die op 31 december 2020 in werking treedt. Die conclusie trokken veel deelnemers aan een kennissessie die werd georganiseerd door het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, op de openingsdag van de Amsterdam Drone Week. Zo is het vraagstuk van de zonering nog niet uitgewerkt en is nog niet duidelijk hoe de huidige ontheffingen en vergunningen omgezet gaan worden.

Deel 1: EU drone-regelgeving

De kennissessie bestond uit twee delen. In het eerste deel van de bijeenkomst (verzorgd door IenW beleidsmedewerker Ron van de Leijgraaf) stond de inhoud van de Europese drone-regelgeving centraal. Alle dronevliegers in Nederland krijgen hiermee te maken, omdat de huidige regelingen voor recreatieve dronevliegers en professionals in principe komen te vervallen. Daarvoor in de plaats komen de Open en Specific categories (met daarin het Light UAS Operator Certificate – LUC) en op termijn de Certified category voor bijzondere toepassingen zoals goederen- en personentransport.

De inhoud van deze presentatie was voor een groot deel gelijk aan een eerdere presentatie die dit voorjaar in Bunnik werd gegeven. Daarover maakte Dronewatch destijds dit verslag, dat qua inhoud voor het grootste deel nog steeds opgaat: voor nadere uitleg over wat de EU regelgeving voor dronevliegers betekent verwijzen we je graag door naar dat artikel.

De presentatie door Ron van de Leijgraaf was grotendeels gelijk aan de presentatie van april dit jaar.

Zelfbouwdrones en FPV vliegers

Tijdens de vorige kennissessie werd er bijna geen aandacht besteed aan de groep zelfbouwers en FPV vliegers. Daar werd nu wel iets over gezegd: die komen ofwel te vallen in de Open subcategorie A1 (voor zelfbouwdrones tot 250 gram) of subcategorie A3, voor toestellen tot 25 kg. In dat laatste geval moet er wel minimaal 150 meter afstand van mensen en bebouwing worden aangehouden. FPV vliegen is mogelijk onder de voorwaarde dat er een observer naast de piloot staat, en de bestuurder moet voldoen aan de kenniseisen die gesteld worden in de betreffende categorieën.

Nog geen U-Space

Een tweede belangrijke toevoeging aan de eerdere presentatie is dat dronevliegers vooralsnog niet te maken krijgen met U-Space. Uiteindelijk moet U-Space zorgen voor een ordentelijke afhandeling van al het onbemande luchtverkeer, bijvoorbeeld doordat dronevluchten via een centraal systeem gemonitord danwel geautoriseerd worden. Maar het fundament onder U-Space is nog verre van uitgekristalliseerd, laat staan dat er begonnen kan worden aan de uitrol: dat proces gaat naar verwachting nog jaren duren.

Andere wetenswaardigheden betreffen het feit dat er geen afstandscriterium is gekoppeld aan het VLOS vliegen, dat nachtvliegen ook onder de Europese regelgeving niet zonder meer is toegestaan, dat je in het geval van de Open category in de voorwaarden van je verzekeringspolis moet nagaan of deze ook dekking biedt voor schade of letsel veroorzaakt door drones en dat de minimumleeftijd voor dronevliegers nog niet met zekerheid op 16 jaar wordt gesteld: mogelijk wordt dit lager.

Deel 2: implementatie

Het tweede deel van de kennissessie (in handen van Petra Syaifoel) was gewijd aan de implementatie van de Europese drone-regelgeving, zeg maar de ‘vertaalslag’ van wat er door de Europese Commissie is vastgesteld naar de Nederlandse situatie. De verwachting was dat hier meer bekend gemaakt zou worden over onder andere de zonering, opleidingen en de ‘vertaling’ van de huidige ontheffingen en vergunningen naar de nieuwe situatie. Uit de presentatie bleek echter dat er nog veel werk te verzetten is door de beleidsmakers van IenW, de Inspectie Leefomgeving en Transport en de juridische afdeling.

Er moet nog veel gebeuren op het gebied van implementatie, blijkt uit de toelichting van Petra Syaifoel.

Verplichte registratie

In principe moeten alle operators (dat kan zowel een bedrijf als een individu zijn) zich vanaf 31 december 2020 registreren. In het geval van de Open category gaat het om het bedrijf of de persoon die met de drone vliegt, niet om de drone zelf. Waarschijnlijk gaat dat systeem opgetuigd worden door de RDW. Of er kosten verbonden zijn aan een registratie (en zo ja, wat die kosten dan zijn) is echter nog niet duidelijk. Wel zeker is dat het systeem ook over de grens ingezien kan worden. In het buitenland kan zodoende altijd gecheckt worden wat de bevoegdheden zijn van een bepaalde drone-operator (en andersom).

Producteisen

Aan alle drones in de Open category zullen vanaf 31 december 2022 middels de C0 t/m C4 categorie bepaalde producteisen gesteld gaan worden. Dit gaat via het CE keurmerk. Totdat het zover is kan men met ‘legacy’ drones doorvliegen, alleen geldt dan in de A1 subcategorie een maximaal gewicht van 500 gram en in de A2 categorie een maximaal gewicht van 2 kg. Mogelijk komen er speciaal voor de ‘onderkant’ van de Specific category nog een aantal CE klassen bij, C5 en C6. Die zouden dan de noodzaak van een luchtwaardigheidsbewijs doen vervallen.

Handhaving

De handhaving van de regels komt in principe op het bordje van de politie; toezicht op de sector is een verantwoordelijkheid van de ILT. Om agenten op straat te helpen de juiste vragen te stellen aan dronevliegers wordt er werk gemaakt van een app die de nieuwe EU regelgeving in de vorm van een stroomschema inzichtelijk maakt. Het zal echter nog wel een uitdaging worden om de overgangsfase hierin mee te nemen. Ook is er nog discussie over de rol van BOA’s als het gaat om handhaving in het geval van drones.

Opleidingen

Op het vlak van de verplichte theorie-opleiding voor iedereen die wil vliegen met drones die meer wegen dan 250 gram is er nog veel onduidelijk: zowel inhoudelijk (welke vragen gaan er op het examen gesteld worden) als qua uitvoering (bij wie kan men terecht voor opleidingen en examens, en wat gaat het kosten). Het punt is dat het ministerie niet zomaar instellingen mag aanwijzen, in plaats daarvan zal er gewerkt gaan worden met erkende opleidingen, voor de Open category. Maar hoe men in aanmerking komt voor die status is nog niet bekend.

Een ander punt van zorg is de zogenaamde ‘Roemeniëroute’. Het is goed denkbaar dat het halen van een online theoriecertificaat dadelijk in andere EU-landen goedkoper – of zelfs gratis – wordt. Omdat het theoriebewijs internationaal erkend wordt, kan het best zijn dat veel Nederlandse dronevliegers gaan uitwijken naar examenwebsites in het buitenland en dan net zo lang op de multiplechoiceantwoorden klikken totdat men geslaagd is en het papiertje kan opvragen.

Ook de omzetting van ROC-Light ontheffingen, ROC vergunningen, RPA-L brevetten en luchtwaardigheidsbewijzen (S-BvL) naar de nieuwe situatie is nog niet in kannen en kruiken. Waarschijnlijk kan het ROC-light wel omgezet worden naar het nieuwe EU dronebewijs, en ook lijkt het erop dat het RPA-L wel de kenniseisen dekt aan piloten in de Specific category, maar zeker is dat nog niet. Laat staan dat bekend is hoe dat omzettingstraject dan in zijn werk gaat.

Rol van gemeenten

Een ander onderwerp dat vragen opriep bij een aantal aanwezigen is de rol van gemeenten. Zeker nu dat het erop lijkt dat er in een aantal gevallen laagdrempelig boven de bebouwde omgeving gevlogen mag worden (in ieder geval met drones <250 gram) is de vraag welke mogelijkheden er voor gemeenten zijn om restricties in te stellen. Het korte antwoord is: daar gaat de gemeente ook in de nieuwe situatie niet over. Nu nog worden er daarom kunstgrepen uitgehaald om drones aan banden te leggen (bijvoorbeeld door middels een APV het bij zich dragen van een drone te verbieden). Het ministerie ziet gemeenten dan ook als één van de gesprekspartners als het gaat om het proces van zonering.

Zonering

Eén van de heetste hangijzers die de Europese drone-regelgeving met zich meebrengt is het thema van zonering. Vanaf 31 december 2021 (dus een jaar nadat de EU regelgeving in werking treedt) zal Nederland worden opgedeeld in zones waar dronevliegers minder of juist meer mogelijkheden krijgen. Denk aan natuurgebieden, laagvlieggebieden van Defensie, het luchtruim boven gevangenissen, maar ook aan modelvliegvelden.

Het probleem is dat er heel veel partijen zijn die graag inspraak zouden willen hebben op de totstandkoming van die zones. Denk aan natuurbeheerders, waterschappen, gemeenten, havenbedrijven en tal van andere organisaties en instanties die graag zouden zien dat er een rem wordt gezet op het aantal dronevluchten boven hun grondgebied. Haaks daarop staan in veel gevallen de belangen van zowel recreatieve als professionele dronevliegers.

Volgens het ministerie zal er bij het opstellen van de zones rekening worden gehouden met vier verschillende criteria: veiligheid, beveiliging, milieu en privacy. Om alle zienswijzen voor het voetlicht te krijgen wordt er in de komende maanden een participatietraject in het leven geroepen. Die zal deels een publieke component krijgen, in de vorm van een internetconsultatie, deels een besloten component, in de vorm van gesprekken met genodigden. De conceptschets van de zonering wordt vervolgens als een advies voorgelegd aan de ministers van IenW en Defensie. Die hebben uiteindelijk het laatste woord.

Op de vraag of er één zonering komt die voor iedereen geldt, of een ‘gelaagde’ zonering waarbij er bijvoorbeeld onderscheid wordt gemaakt tussen operators in de Open en Specific categories, kwam geen eenduidig antwoord: mogelijk komen er zones waar alleen partijen aan de slag mogen die meer bevoegdheden hebben op basis van hun opleidingen en procedures. Een ander denkbaar voorbeeld is een zone waarbij er met zwaardere drones minder hoog gevlogen mag worden. Uiteindelijk is het de bedoeling dat drones deze zones automatisch via updates binnenhalen en de geofencing dienovereenkomstig aanpast.

Het spreekt voor zich dat de dronesector reikhalzend uitkijkt naar wat de zonering nu precies gaat betekenen voor de dagelijkse praktijk. Zeker omdat de kaart met zones uiteindelijk de huidige kaart met CTRs en no fly-zones moet gaan vervangen. Dat zal dus pas echter op 1 juli 2021 het geval zijn; tot die tijd moet de sector waarschijnlijk terugvallen op de bekende oude kaarten.

Conclusie: gemengde gevoelens

Het feit dat we nog maar een dik half jaar te gaan hebben totdat het zover is baarde veel aanwezigen zorgen. Sinds april is er ogenschijnlijk nog maar weinig gebeurd op het vlak van grote dossiers zoals de zonering en de ‘vertaalslag’ van de huidige ontheffingen en vergunningen naar het nieuwe stelsel. Dat valt deels terug te voeren op het capaciteitstekort bij ILT, waar onlangs nog de noodklok over werd geluid. Gelukkig is die boodschap goed doorgekomen en worden er nieuwe medewerkers aangetrokken, maar het zal nog wel even duren voordat die zijn aangenomen en ingewerkt. Het helpt verder niet mee dat lidstaten maar weinig concrete handreikingen krijgen vanuit Europa als het gaat over de praktische aspecten van de implementatie, en daar hebben alle lidstaten nu mee te kampen.

Ondanks de onduidelijkheid waren er toch ook positieve geluiden te horen. Zo denkt men nog altijd dat de Europese drone-regelgeving uiteindelijk meer mogelijkheden zal bieden aan de sector, ondanks de zorgen die er zijn over het zoneringsproces en de chaos die verwacht wordt tijdens de transitieperiode.

Juist die onzekerheid maakt dat veel personen en bedrijven alsnog werk lijken te maken van een ROC-Light, RPA-L of zelfs een volledig ROC, om op die manier voorlopig houvast te hebben zodra de nieuwe regels ingaan. In de overgangsfase kan men namelijk nog een jaar volgens de vertrouwde systematiek en procedures werken.

Voor hobbyisten is het een ander verhaal, die gaan op 31 december 2020 hoe dan ook over op de EU drone-regelgeving. Dat betekent: zorgen dat je je inschrijft én een online theorietraining doorlopen hebt als de drone waarmee je vliegt meer weegt dan 250 gram. Ervan uitgaande dat alle registratiesystemen up and running zijn en dat opleiders klaar staan om cursisten te ontvangen.

Met dank aan Tim de Boer (DroneLand) voor het meelezen. Hieronder kun je de twee presentaties downloaden, met dank aan Ron van de Leijgraaf en Petra Syaifoel van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. 

 

Wiebe de Jager

Wiebe de Jager

Wiebe de Jager (@wdejager) is oprichter van Dronewatch en auteur van de boeken Dronefotografie en Dronevideo's maken. Wiebe is gecertificeerd (RPA-L) dronepiloot en beschikt over een volledige ROC vergunning.

13 gedachten over “Nog veel onduidelijkheid over implementatie Europese drone-regelgeving

  • 5 december 2019 om 12:17
    Permalink

    Dank voor de uiteenzetting, helaas nog niet het nieuws waar ik op zit te wachten.
    Ik heb begrepen dat de Mavic Mini (249 gram) wel geregistreerd dient te worden omdat hier een camera op zit. Ik mag hopen dat deze kosten behapbaar zijn, in verhouding met het recreatieve gebruik.

    Iets anders, hopelijk komt er dan rond 2021 ook een duidelijke kaart / regelgeving m.b.t. vliegen boven natura-2000-gebieden.

    Beantwoorden
    • Wiebe de Jager
      5 december 2019 om 21:33
      Permalink

      Je hoeft de drone niet te registreren, maar wel jezelf, als drone-operator. Inderdaad omdat je gaat vliegen met een drone die over een camera beschikt. Kosten zijn nog niet bekend maar ik verwacht een paar tientjes. Als het goed is zou er op 1 juli 2021 inderdaad een duidelijke kaart beschikbaar moeten zijn met de zones waar je wel en niet mag vliegen. Die zou dan ook automatisch in je drone terecht moeten komen, via het geofencing systeem.

      Beantwoorden
  • 6 december 2019 om 05:58
    Permalink

    Mijn complimenten voor het heldere artikel. Is het wellicht een goed idee om een overzicht te maken van de 25 meest verkochte drones met daarbij de impact voor de operator? Zodat je kan zien wanneer en waar je aan moet voldoen.

    Beantwoorden
    • Wiebe de Jager
      6 december 2019 om 09:28
      Permalink

      De (op dit moment) meest verkochte drones zullen worden gezien als ‘legacy’ drones. Daarbij zal het gewicht de bepalende factor worden als het gaat om de vraag in welke subcategorie van de Open category je terecht komt. Inderdaad best een aardig idee om tzt een tabel te publiceren waarin je kunt zien met welke drone in welke categorie je terecht komt.

      Beantwoorden
  • 6 december 2019 om 15:12
    Permalink

    Eerlijk gezegd vind ik dat door heel wat groeperingen (en uiteraard ‘de instanties’) het aantal dronevluchten geproblematiseerd wordt. Kijk bijvoorbeeld even naar deze zin:”Denk aan natuurbeheerders, waterschappen, gemeenten, havenbedrijven en tal van andere organisaties en instanties die graag zouden zien dat er een rem wordt gezet op het aantal dronevluchten boven hun grondgebied.”
    Alsof er continu drones boven de desbetreffende gebieden vliegen. Zelf het ik er in al die jaren nog NOOIT een andere dan de mijne zien vliegen, ook niet in de buurt van klassieke bezienswaardigheden. Men maakt hier werkelijk van een amoebe een olifant.

    Beantwoorden
    • Wiebe de Jager
      6 december 2019 om 15:17
      Permalink

      Daarom is het ook zo belangrijk dat de dronesector goed van zich laat horen, zodra die openbare consultatie van start gaat. Op Dronewatch gaan we zeker aandacht besteden aan de start van dit proces inclusief een oproep om zoveel mogelijk zienswijzen in te sturen.

      Beantwoorden
    • 6 december 2019 om 19:00
      Permalink

      Ik sluit mij volledig bij bovenstaande aan.
      Ikzelf heb ook nog nooit een collega-dronevlieger gezien als ik vloog.

      Verder ga ik ervan uit dat we via dronewatch op de hoogte worden gehouden als er kwalitatief goede online-opleidingen komen voor hobbyisten.

      Ton

      Beantwoorden
  • 6 december 2019 om 23:43
    Permalink

    Volkomen ééns met bovenstaande reacties.
    Ik vlieg nu een jaartje maar ben nog nooit een andere drone tegengekomen. Die online trajecten en theorie examens worden nog leuk aangezien de prijzen 100% gaan verschillen per land. Misschien zelfs gratis in bijvoorbeeld Spanje, ik noem maar wat. Krijgen wij dan de mogelijkheid om daar een theorie examen online te doen? Het is tenslotten één Europa met dezelfde richtlijnen en regels, tenminste dat is toch de achterliggende gedachten van dit alles? Ben ook heel benieuwd over dat stukje natuurbeheer enz. En wat dronewatch hierin kan betekenen. Goed plan? Ik sluit mij aan. Bedankt voor de berichtgeving!

    Beantwoorden
    • Wiebe de Jager
      7 december 2019 om 11:01
      Permalink

      Het is zeker denkbaar dat je na 1 juli 2020 een theorie-examen kunt doen in een land naar keuze, TENZIJ men ervoor kiest om het examen alleen open te stellen voor ingezetenen van dat betreffende land, door bijvoorbeeld de invoer van een BSN te vereisen tijdens het aanmeldproces. Hoe dan ook moet het EU dronebewijs dat je na afloop krijgt geaccepteerd worden door alle EU lidstaten.

      Wat dat stukje natuurbeheer betreft: er gaat vanaf medio een participatietraject van start, waarin men zowel via een publiek online inspraaktraject als via discussies in besloten kring de verschillende zienswijzen en belangen van stakeholders boven water wil krijgen. Dronewatch zal zeker een rol spelen in het communiceren over dit traject.

      Beantwoorden
      • 7 december 2019 om 18:22
        Permalink

        Bedankt voor de heldere toelichting! Heel fijn en goed gevoel dat Dronewatch hier toch zich mee kan en gaat bemoeien tot op zekere hoogte. We houden het in de gaten.

        Beantwoorden
  • 10 december 2019 om 10:40
    Permalink

    Helder artikel, waarvoor dank! Ik mis echter nog één ding en dat is wat er met de zgn legacy drones gebeurt ná 1 juli 2022.
    Ik ben voornemens om komend jaar mijn eerste drone aan te schaffen. Ik twijfel nog tussen een Mavic Mini en een Mavic Air. Geen van deze 2 drones is in staat om een ID uit te zenden en ik betwijfel of ze dat middels een software update wel zouden kunnen doen.
    Vallen drones die voor 1 juli 2020 (2022?) worden verkocht dan onder een uitzonderingsregel, of kun je dan je 2-jaar “oude” drone alleen nog maar als vitrine model gebruiken of anders enkel buiten Europa gebruiken?
    Ik voel er weinig voor om veel geld uit te geven, wetende dat ik er na 2 jaar niet meer mee mag vliegen :-(.

    Beantwoorden
  • 12 januari 2020 om 13:22
    Permalink

    Het zou toch nu onderhand wel fijn zijn om als hobbyist te weten waar we aan toe zijn. Waar kunnen de opleidingen gedaan worden en tegen welke kosten. Ik hoop dat de kosten houdbaar blijven.

    Ik heb nu een Phantom 4, en als ik het goed begrijp mogen die op termijn niet meer vliegen omdat ze geen id kunnen uitzenden.

    Het lijkt wel of ze een complete groep willen ontmoedigen om deze mooie hobby uit te oefenen.

    Beantwoorden
    • Wiebe de Jager
      14 januari 2020 om 17:37
      Permalink

      Hallo Jeroen, je kunt voorlopig nog wel blijven vliegen met de P4, maar je zult jezelf moeten registreren en ook zul je een online examen moeten doen, gevolgd door een schriftelijk examen, gezien het gewicht van je drone, tenminste als je in Open categorie A2 wilt gaan vliegen. Als je in A3 wilt gaan vliegen (ver weg van mensen) dan volstaat het online examen. Kosten van deze examens zijn nog niet bekend.

      Beantwoorden

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Meld je aan voor onze nieuwsbrief!

Vul hieronder je gegevens in en blijf op de hoogte.

Open nieuwsbrief aanmeldformulier