Europese regelgeving voor U-space gaat in: dit moet je weten

Donderdag 26 januari 2023 gaat EU uitvoeringsverordening 2021/664 in. Deze betreft een wettelijk kader voor de invoering van U-space, een digitaal luchtverkeersleidingsysteem voor drones. Alhoewel het om een zeer belangrijke stap voor de Europese dronesector gaat, weet nog lang niet iedereen wat U-space is en wanneer je ermee te maken krijgt. Dronewatch vroeg Wilbert Ritsema, Projectmanager U-space bij het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, om uitleg.

Kun je heel kort nog eens uitleggen wat U-space is, en wat dit mogelijk moet gaan maken?

“U-space is een verkeersmanagement systeem voor (initieel) de onbemande luchtvaart. Het moet ervoor zorgen dat, waar dat nodig is, de drones zich veilig ten opzichte van elkaar en van de leefomgeving bewegen. Dat gebeurt door een aantal verplichte diensten aan te bieden aan drone operators via U-space-serviceproviders die dat hele proces faciliteren. U-space kan worden ingericht om redenen van vliegveiligheid, security, privacy of leefomgevingsaspecten.”

Op 26 januari 2023 treedt verordening 2021/664 in werking. Wat betekent dit concreet voor Nederland?

“Welke acties neemt het ministerie om te voldoen aan de verplichtingen die hieruit voortvloeien? Die datum betekent dat wanneer we U-spaceluchtruim willen inrichten, elke EU-lidstaat vanaf dat moment aan alle voorschriften uit deze verordening moeten voldoen. En dat is een niet mis te verstaan lijstje, ik noem een paar essenties…

Serviceproviders moeten gecertificeerd kunnen worden. Daarbij gaat het om de U-space-serviceproviders (USSPs), maar ook om de Common Information Service (CIS)-provider die eenvoudig gezegd de informatie- en datadistributie verzorgen moet en de verbinding vormt met de luchtverkeersleiding.

Er moet een heel nieuw proces met brede besluitvorming worden opgetuigd voor het inrichten van het U-spaceluchtruim, en dat proces is niet gelijk aan dat wat we voor de bemande luchtvaart kennen. Een belangrijk onderdeel in dat proces is het opstellen van een Luchtruimrisicobeoordeling, een volledig nieuwe methodiek met raakvlakken met de SORA. Zoneringen moeten daarvoor worden aangepast, toegevoegd.

Om dit allemaal mogelijk te maken moet de verordening vertaald worden naar nationale regels, richtlijnen en misschien zelfs wel wetgeving. Daar staan we vanuit ons ministerie voor gesteld en zijn we binnen ons U-spaceproject van het Programma Onbemande Luchtvaart volop mee bezig.”

Wat gaat U-space op korte termijn mogelijk maken, wat nu nog vrijwel ondenkbaar is?

“Oei, dat is best een lastige vraag. U-space maakt in de zin van het type drone-operaties eigenlijk geen onderscheid, het moet alles kunnen faciliteren. Maar wat denk ik iets meer tot de verbeelding spreekt is dat je met U-space veel grootschaliger drone-operaties/bewegingen tegelijkertijd op een verantwoorde manier kunt uitvoeren. En die verantwoorde manier heeft dan weer alles te maken met de inpassing in de leefomgeving die is geregeld en de maatschappelijke acceptatie die dat met zich mee brengt.”

Is al bekend welke partijen de vier U-space basisservices gaan aanbieden, en wie er in aanmerking komen voor de rol van USSP?

“Nee, bij mij zijn die partijen nog niet bekend. De U-space-serviceprovider is een taak die marktpartijen zelf kunnen aanbieden, ze moeten alleen voldoen aan de eisen in de verordening (certificering) en hun klanten (de drone-operators) moeten met de USSP in zee willen gaan. En dat hangt dan weer af van hoe het businessmodel er uit zal zien en wat de dienstverlening zal kosten. Allemaal elementen die ook nog erg aan ontwikkeling onderhevig zijn.

Voor de CIS-functie ligt dat overigens anders, daar onderzoeken we nu of dit een publieke taak zou moeten zijn. Als dat de keuze wordt, zullen we als overheid deze taak in moeten richten.”

Is er al zicht op de eerste U-space zones? Of welke gebieden in Nederland komen hier waarschijnlijk voor in aanmerking?

“Op dit moment niet. Er is wel een toonaangevend initiatief in de haven van Rotterdam om te experimenteren met U-space. Dat gebeurt dit en volgend jaar. Dergelijke gebieden zijn op zich ook voor de hand liggend. Kijk maar naar soortgelijke initiatieven in België (Antwerpen) en Duitsland (Hamburg).”

Wie kan dergelijke zones in de toekomst aanvragen en welke criteria worden er gehanteerd bij de toekenning ervan?

“Dit is nu precies één van de vragen die we aan het uitwerken zijn. De U-spaceverordening stelt diverse eisen, maar de uitwerking daarvan is best een puzzel. Eenvoudigweg omdat het voor iedereen nieuw is en er dus geen voorbeelden zijn.

De vier criteria die ik eerder noemde zijn leidend, maar de invulling van criteria voor de leefomgeving is omvangrijk omdat het een breed begrip is waar ook burgemeesters iets van gaan vinden in hun gemeenten. Dat vraagt dus om een degelijke procedure voor het aanvragen en behandelen van zo’n aanvraag.”

Betekent de invoering van U-space dat lokale overheden (gemeenten, provincies, waterschappen, natuurbeheerders) nu meer zeggenschap gaan krijgen over het luchtruim? Hoe wordt voorkomen dat het luchtruim een lappendeken wordt van zones met restricties?

“Dat deze lokale overheden betrokken moeten zijn bij een U-space-initiatief, dat is wel duidelijk. Hoe we die betrokkenheid organiseren, dat is onderwerp van onderzoek en werken we uit in de ontwikkeling van dat proces waarin we ook weer moeten voldoen aan wat de verordening daarin eist. Wat mij betreft gaat dat niet leiden tot een lappendeken van zones, immers wordt het dan enerzijds onbeheersbaar en anderzijds, en dat is nog veel belangrijker, ook minder veilig.”

Wat zijn de consequenties van de aanwijzing van U-space zones voor andere luchtruimgebruikers (GA, ballonvaart, traumaheli, reguliere luchtvaart)?

“Binnen de kaders van deze eerste U-space verordening is in U-spaceluchtruim de USSP verantwoordelijk voor de dienstverlening aan onbemande luchtvaartuigen. De bemande luchtvaart is en blijft bediend worden door de luchtverkeersleiding. Dit betekent dat wanneer een bemande vlucht onverhoopt door U-spaceluchtruim moet vliegen, de drones aan de kant moeten.

In gecontroleerd luchtruim is daarvoor het mechanisme van Dynamic Airspace Reconfiguration bedacht en is er dus een afspraak nodig met de verkeersleiding in dat gebied. In ongecontroleerd luchtruim zullen we dit met procedures moeten gaan regelen.

Een belangrijk voorwaarde is wel dat bemande luchtvaartuigen ‘elektronisch zichtbaar’ moeten zijn als zij in U-spaceluchtruim vliegen (e-conspicuity). De standaarden daarvoor zijn in ontwikkeling, en we zullen samen met de stakeholders van de bemande luchtvaart bespreken hoe we dit zo praktisch mogelijk vorm kunnen geven.”

Hoe en wanneer krijgen drone-operators in Nederland te maken met U-space? Als een zone is aangemerkt als U-space, kunnen Open categorie dronevliegers daar dan nog vliegen? Onder welke voorwaarden?

“Ook dat is een belangrijke kwestie om duidelijk te krijgen. Je zou heel snel kunnen zeggen dat de Open categorie daar niet mag vliegen, maar of dat wel zo wenselijk is….? De zonering blijft ook binnen U-space een belangrijk instrument om voorwaarden te stellen. Hoe we dat in U-space precies gaan doen, daar moet nog goed over nagedacht worden. De Cx label-categorieën bieden daar ongetwijfeld mogelijkheden voor.”

Is er al iets bekend over de financiering van U-space? Wie gaat er betalen voor het systeem, en op welke manier?

“Op dit vraagstuk komt een steeds grotere focus te liggen. We zijn met de U-space-ontwikkelingen, niet alleen in Nederland, aan het pionieren. Hoe de markt zich zal ontwikkelen is al lastig te voorspellen, laat staan welke businessmodellen er zich in ontwikkelen. Zeker op het vlak van USSP/CISP. Wordt het een vergelijkbaar abonnement als met de mobiele telefoon, of een pay-per-flight systeem… ik durf het nog niet te voorspellen.

Wat ik wel weet is dat een drone-operator niet voor elk U-spaceluchtruim weer een ander contract zal willen met weer een andere vorm van integratie van zijn drone(vloot) met de USSP. Ook niet als hij in meerdere landen actief is. Waar dat ons gaat brengen zal de toekomst ons leren.”

Waar kunnen drone-operators en belanghebbenden terecht met vragen over U-space?

“Iedereen kan vragen stellen aan ons als overheid, maar we proberen veel van onze stakeholders ook proactief te informeren over de ontwikkelingen via bijvoorbeeld de Drone Council Nederland en op de NL Drone Dag van de Amsterdam Drone Week. Gelukkig organiseren de verschillende stakeholders zich steeds meer en beter, wat alle partijen ook helpt om U-space en onbemande luchtvaart in het algemeen verder te brengen.”

(afbeeldingen: Dall-E)

Avatar foto

Wiebe de Jager

Wiebe de Jager (@wdejager) is oprichter van Dronewatch en auteur van de boeken Dronefotografie en Dronevideo's maken. Wiebe is A1/A2/A3 gecertificeerd dronepiloot en beschikt over een exploitatievergunning voor de Specific categorie.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Meld je aan voor onze nieuwsbrief!

Vul hieronder je gegevens in en blijf op de hoogte.

Open nieuwsbrief aanmeldformulier